A normal day. I wake up late, rush into the shower, eat breakfast without really thinking on what I am actually eating, I run down the stairs to the gate and off I go to town. Today I caught a mat (short for matatu) rather quickly, so I arrived at the National Bank Building at Harambee Ave, in the middle of the Business Center, at 8.35 am.
While on the mat I got a glimpse of a laughing woman. That’s unique in a traffic jam, especially at morning. There was no fellow co-driver, so either she just had fun on her own, or she was listening to the radio. For sure the last option and since she nearly cried tears of joy I bet she was hearing Mina’s and Joseph’s morning show on Classic 105. Yes, I have become a fan. The show presents hilarious questions to the audience. On top, the two hosts are quite comparative. Mina usually talks in English and introduces the one liners. Joseph usually reacts in Sheng (Kiswahili + English) with equally big one liners. I am not sure if they actually believe what they say. I consider it an act. But a stupendous one!
Another important aspect of this kind of radio show is what information a foreigner can gain from Nairobi’s population. It clarifies their way of thinking, living and being. It also provides me with topics to introduce to friends, co-workers so I can double check or even test the reactions.
Let me enlist some of the questions/ one liners:
• Men, does life starts at 40?
o Men: hell ya
o Women: oh boy, by that time he has a belly from drinking, had too many girls and cannot perform properly anymore
• Ladies. Your guy is broke. Do you leave him or stay with him?
o Women: hell ya. I leave him. He does not know how to deal with finances.
o Women: hell ya. I leave him. How can we go out now?
• When a woman is pregnant, men are nowhere to be found at home. Why is that?
o Men: we need to exhale because at that time the ladies’ hormones are a bit mixed up
• Who plans the extension of the family?
• A woman is out with girlfriends until 11 pm. That is not how it should be. Should men tie their ladies?
• Can a lady cut a man from benefits? And if she does and the man ignores that, is that forcing to spread her legs?
o Joseph: how can it be forcing if she is your wife?
• Do men and ladies lie when they are courting somebody?
dinsdag 28 september 2010
vrijdag 24 september 2010
donderdag 23 september 2010
Brief
Liefste peter
Hier sta ik nu, aan de kade, te turen naar de boot in de verte. Bestemming: Elyzeese Velden. Mijn gedachten dwalen af naar al die nieuwjaarsbrieven en verjaardagsfeestjes, naar het wandtapijtje dat ik kreeg, naar de sleepovers waarbij ik leerde Koriaans Bridgen en de lokale kaasfabriek bezocht, naar de one on one date toen we de herenhuizen in Berchem bezochten, naar de email waarin je me vroeg mijn masterproefonderzoek uit de doeken te doen, naar het avondbezoek aan het Brussels appartement waar we het over de Europese politiek hadden en mijn toekomstdromen bespraken, naar zoveel.
De boot is intussen een stip geworden. Ik sluit nu mijn ogen. Ik zie je op me toestappen, rustig. Jouw zachte gelaatsuitdrukking komt dichterbij. Je lacht breed. Jouw baard prikkelt mijn wang als je me begroet. Je buigt lichtjes jouw hoofd zijdelings zodat jouw oor alles kan horen wat mijn mond wil vertellen. Al is het enkel maar 'hallo'.
Ik glimlach doorheen mijn tranen.
Jouw petekind Tineke
dinsdag 14 september 2010
Hakuna Matata in archepelago Lamu
"It means no worries for the rest of your days. It's our problem free philosophy. Hakuna Matata.
Waar Disney's Lion King allemaal niet goed voor is. Echt probleemvrij ben ik er niet geraakt. Ik denk dat mijn organen een tijdje nodig hadden na de busrit om zich weer op zijn plaats te begeven. En, de weg tussen Malindi en Lamu (zo een 5 uur met de bus) is verschrikkelijk slecht. Als Tawakal (de beste bus volgens velen) dan ook nog es in panne valt, kan je je dus wel al inbeelden dat ik nog wat langer dooreen geschud ben.
Echt zonder zorgen zijn ook de 30.000 inwoners van Lamu niet. Zichtbare armoede, hoge aidsprevalentie en hoge werkloosheid. Maar dat vertaalt zich niet in delinquent gedrag en dat, lieve mensen, is heel bijzonder.
Laten we even door mijn Lamu-week wandelen adhv de ontmoetingen die mijn bezoek kleurden.
mr Hussein. Moslim. Zijn grootvader kwam uit Jemen met de Moessonwinden mee om handel te drijven. Op een dag is hij daar gebleven en heeft hij zich een vrouw uitgekozen. Hussein zelf is nu een veertiger. Heeft een sikje dat langzaam grijs wordt en dat hij constant kamt met een groene kam die hij in zijn borstzak bewaart. Hij is HIV+ en gescheiden. Heeft twee dochters en woont in bij zijn zus en haar gezin. Ik werd uitgenodigd op een dinertje om de vasten te breken (ik was daar in de laatste week van Ramadan) en ik liet een Henna-tattoe op hand en voet zetten door de zus. Het huis zijn opgetrokken muren zonder dak, maar met gewoon een doek tussen de muren om de afstand te overbruggen. Ik zie een klein kamertje met een groen muskietennet, maar daar is precies ook de stock, want de zus komt geregeld met groenten in haar handen uit dat kamertje. Het eten wordt gekookt bij een olielamp. Eens de Brit en ik arriveren om tee ten, spreiden zee en rieten ronde mat, die ze net kochten (special voor ons) op de grond en zetten ze die lamp bij ons. In de keuken worden de zaken vanaf nu in het donker gedaan. Op die mat neemt enkel Hussein plaats. De rest wacht tot wij gedaan hebben. Man, ik heb me op meerdere momenten beschaamd gevoeld.
Charity. Christelijk. Ook een veertiger. En mama van twee dochters een een zoon. Haar oudste dochter kreeg ze op jonge leeftijd. Ze woont op een kamer in een huis met jongelingen. Haar kamer is vrouwelijk, franjes aan het beddegoed bijvoorbeeld, maar niet te fluffy. Je kan haar vinden in de hoofdstraat op een witte plastieken tuinstoel waar ze mutsjes haakt. Dat is als ze niet ingehuurd is om een massage te geven, of een manicure, of een pedicure, of een waxing.
Klein meisje zonder naam. Ze draagt een zalmroze kleedje tot onder de knietjes, in een zijdeachtig stofje. De lintjes zijn achteraan niet vastgesnoerd, maar bengelen tussen haar armpjes en lichaampje. Net zoals de andere kinderen over heel Lamu holt ze op me toe, roept ‘jambo’ en steekt ze zich dan verlegen weg. Ik steek mijn hand uit. Ze komt op me toe en legt haar zanderig kleine handje in mijn hand en kust het. Nu, ik weet niet of jullie dat gebaar kennen, maar in de Arabische cultuur is het een respectvolle manier om een oudere te groeten. Je neemt de hand, brengt het naar jouw lippen en dan naar jouw voorhoofd. Ik was ontroerd. Het jammere op dat moment is dat ik geen Swahili spreek en dus niet kan zottebollen of geen vragen kan stellen. Spreken ze dan geen Engels? Ja, ze leren dat wel, maar ze zijn nog klein en de thuistaal blijft Kiswahili natuurlijk.
mr Costa. Moslim. Werkzaam in de stoffenwinkel die ik binnenstap. Hij draagt een kikoi en dat is een doek die zowel mannen als vrouwen vanaf hun middel boven hun kleren knopen. Zijn zakenpartner is een christelijke priester. Die twee mannen samen in een klerenwinkel zijn een toonbeeld van samenhorigheid tussen religies in Lamu. Zo mag ik op een bepaalde middag niet aan de tafel zitten die uitgeeft op de zee’dijk’ uit respect voor de vastende broeders. In de winkel dan kies ik een stofje voor een bloes en een rok. Het resultaat is schitterend (bij een andere dame liet ik dan twee jurken maken uit khanga-stof, een typische Afrikaanse stoftype).
Happy is een jonge gast. Ik ontmoet hem in het cybercafé ‘Cyberwings’. Hij komt de kamer binnen met veel zwier en al lachend, zegt tegen iedereen goeiedag en ook spontaan tegen mij. Tijd genoeg om een praatje te slaan, want het internet is nogal traag. Sommige andere toeristen roepen gepikeerd en foeterend naar buiten, maar ik vind het allemaal best. Intussen kan ik een babbeltje slaan. En op het einde krijg ik dan ook korting op mijn bezoekjes aan het internetcafe :-). Er staan 6 computers in het kleine kamertje. De muren zijn wit geschilderd met roze spatten. Het plafond heeft zowaar balkjes, in het bruin geschilderd. Jongens komen in en uit om nieuwtjes met elkaar te delen. Zo is ere en dag date en van hen zijn nieuwe knalgele sweatshirt komt tonen. Niks bijzonders, toch? Wel ja, de print van de draak vooraan wel en daar was hij wel heel fier op.
Lamu raakt je.
maandag 30 augustus 2010
1/2 + 1/3
We are halfway the internship, which implies that one third of the total adventure already passed. Just passed? No, it has flown, although we need to report a few signals of homesickness. Tip: don’t try and eat choco pasta based on hazelnuts here in Kenya. Bekes!
In the meantime my visit has been reduced by one. My sister is currently flying back home. My father has traveled to the coast and I will be joining him this weekend.
Instead of enlisting some of my new impressions in bullets once again, I stick to a few events this time.
Pole. Or ‘sorry’. This word is being used A LOT. I trip on the street, two people behind me repeatedly say ‘Oh, I am so sorry’; I have a cold, likewise; I am in a traffic jam, ditto. Very odd. Why would they have to apologize for me being ill or for me being clumsy? But, words are not just words and that is the tricky part of being abroad. The same words exist, but the meaning or the connotation that is given to these words can differ so much! Anyway, I did a little research and it seems this Kenyan pole is an outing of their empathic mind/ character. It is thus more something like ‘oh, I am sorry you got hurt while tripping; I am sorry you feel lousy because of that cold; I sympathise with you being stuck in traffic. Interesting!
Last Thursday (August, 26th) I got stuck in a traffic jam (my second one upon arrival). This time they had closed one of the main avenues at noon due to the festivities of the following day (promulgation of the new Constitution). BEFORE the usual evening traffic had started….
So while we are in the bus it is getting darker. Police is (probably) busy on giving contradictory orders. Civilians start arranging traffic as well. The sight was endearing. So I could not help myself laughing out loud. My neighbor had the same reaction and we started to talk. He surprised me actually. Twice. First he emphasized the problem of the Kenyan centralized transport project. He wondered why everything has to be brought back to town, why there are no interconnecting roads between suburb towns. It is only here that I have fully grasped the importance of decentralizing in Africa. Currently it is not being implemented (on any level), so for one person to have such a firm idea on this… waw. Secondly he mentioned the ecological aspect of this system. Was I hearing correctly? Oh, yeah. On the Matatu there was a Kenyan guy who discussed with me global warming… This jam was not so bad after all!
In the meantime my visit has been reduced by one. My sister is currently flying back home. My father has traveled to the coast and I will be joining him this weekend.
Instead of enlisting some of my new impressions in bullets once again, I stick to a few events this time.
Pole. Or ‘sorry’. This word is being used A LOT. I trip on the street, two people behind me repeatedly say ‘Oh, I am so sorry’; I have a cold, likewise; I am in a traffic jam, ditto. Very odd. Why would they have to apologize for me being ill or for me being clumsy? But, words are not just words and that is the tricky part of being abroad. The same words exist, but the meaning or the connotation that is given to these words can differ so much! Anyway, I did a little research and it seems this Kenyan pole is an outing of their empathic mind/ character. It is thus more something like ‘oh, I am sorry you got hurt while tripping; I am sorry you feel lousy because of that cold; I sympathise with you being stuck in traffic. Interesting!
Last Thursday (August, 26th) I got stuck in a traffic jam (my second one upon arrival). This time they had closed one of the main avenues at noon due to the festivities of the following day (promulgation of the new Constitution). BEFORE the usual evening traffic had started….
So while we are in the bus it is getting darker. Police is (probably) busy on giving contradictory orders. Civilians start arranging traffic as well. The sight was endearing. So I could not help myself laughing out loud. My neighbor had the same reaction and we started to talk. He surprised me actually. Twice. First he emphasized the problem of the Kenyan centralized transport project. He wondered why everything has to be brought back to town, why there are no interconnecting roads between suburb towns. It is only here that I have fully grasped the importance of decentralizing in Africa. Currently it is not being implemented (on any level), so for one person to have such a firm idea on this… waw. Secondly he mentioned the ecological aspect of this system. Was I hearing correctly? Oh, yeah. On the Matatu there was a Kenyan guy who discussed with me global warming… This jam was not so bad after all!
donderdag 26 augustus 2010
Van de gebroken douchekraan tot het huwelijksaanbod

Zondagnamiddag zo rond 2 pm. Druppelgewijs arriveren de deelnemers voor de driedaagse workshop van het Healthy Learning team. Wat had je gedacht? Dat we zouden vertrekken op het geplande uur? Bah neen. Maar het heeft geen uren geduurd, dus even later zijn we onderweg. Bestemming: Naivasha, zo een 108 km van de hoofdstad. Fluitje van een cent om daar in een goed uur en half te geraken. Stop. Denk nu es niet aan de Belgische wegen, plat en deftig geconstrueerd, maar beeld je in dat sommige stukken aangestampte aarde zijn, andere geasfalteerd zijn maar vol putten en dat je stijgt en daalt dat het een lieve lust is.
Tegen de late namiddag komen we aan in het Morendat Conference Center. Van ver ziet het eruit als een Amerikaanse gevangenis (althans, ik ga af op de tv-series). Het heeft een zware zwarte poort met een klein deurtje opzij waarbij je de wachter van dienst passeert. Aan de andere kant zie je een toren, bijna identiek als die uitkijktoren in die Amerikaanse lock ups. Alleen is het hier geen wachttoren. De omheiningen rond het terrein eindigen met een krul, zodat je er niet over kan klauteren.
Dan rijdt de ICRAF*-bus binnen. Er is een centraal gebouw met sauna, gym center, openlucht zwembad, bar, conferentiezalen, kamers, business center (@) en de eetzaal. En daarnaast heb je lodges voor drie personen. Dat zijn eigenlijk huisjes. Ik zou zo wel eentje willen verplaatsen naar Gent. Ik weet niet of het prefabs zijn, dus misschien hou ik beter de architecturale structuur in mijn hoofd.
Ik loop eerst wat rond, want de omgeving doet helemaal anders aan dan Nairobi city. Het is er groener, vochtiger en ik had me al moeten inhouden om de bus niet te doen stoppen en te zeggen dat ze me mochten droppen en dat ik het laatste stukje wel zou wandelen. Maar ik had er het goei schoeisel niet voor aan. En uiteindelijk was ik niet naar daar gekomen voor een uitje…
Nu, op het eerste zicht ziet het er allemaal vrij chique uit. De gaatjes in het muskietennet zie ik door de vingers. Tot ik ‘s morgens in de douche sta. Ik draai de warmwaterkraan open en ik heb de dop al in mijn hand. Shit. Maar het is een klein mankementje. De volgende ochtend heb ik de buizen waaraan het douchegordijn opgehangen is in mijn handen. Ook maar een klein foutje, maar wel goed voor een halve slappe lach. ‘s Avonds lopen Louisa en ik terug naar onze lodge. De tv staat te spelen. Hmmm. De wc’s naast onze conferentiezaal Shimba zien er op het eerste zicht ook deftig uit, maar je mag niet alle toiletten geprobeerd hebben, want bij eentje is de bril gewoon een gevaar voor jouw tere velletje. Onder de groep wordt er nagevraagd of de beperkte en trage internettoegang aan hun modem ligt of aan iets anders. Het is een algemene tendens. Alsook de darmklachten. Nochtans, het eten was verre van slecht. Ontzettend groot aanbod aan koude en warme groenten. Dat vinden jullie misschien gewoon, maar Kenia is een vlees-land. Ik denk niet dat het zo erg is als Argentinie, maar toch.
Kleine noot: het Morendat center is opgetrokken in 2007...
Maar de tweede avond aan de bar met de manager van Morendat, Tom en William maakt veel goed. Vivian en Grace druipen tegen elven af naar hun kamer. Ik ben ook niet van plan om nog lang te blijven, maar de manager biedt mij een tweede drankje aan van wat ik op dat moment aan het drinken ben. Een Tusker biertje. Miljaar, denk ik, hierop kan je geen neen zeggen, maar mijn gedachten gaan ook naar de lange conferentiedag die ons nog wacht. Bon, ik zet me dus terug op de barkruk. Ik weet niet hoe we tot een aantal conversatie-onderwerpen gekomen zijn, maar de uitkomst en de gesprekken zijn hi-la-risch.
In het eerste weiden we uit over homoseksualiteit. Ergens was ter sprake gekomen dat mijn beste vriend tegen oktober naar Kenia kwam (ole trouwens).
"Jaja, beste vriend, we kennen dat”, zeiden ze.Om alle insinuaties te vermijden heb ik de geaardheid van mijn reisgezel dan maar in het midden gegooid. Man, die ogen. De manager kon er niet van over en vroeg zich dan af of wij een kamer deelden. Ik beaamde dat (doubles zijn nu eenmaal goedkoper dan singles). Dan waren we nog niet thuis natuurlijk, want dan zag hij dat bed daar. Nu, er zijn genoeg guesthouses met twee bedden. Dat ging er dan helemaal niet meer in, want je bent toch een man. Hoe kan je dan dat bed niet delen? William, de tijdelijke database consultant, hield zich een beetje op afstand. Hij zou 5 minuten tegen Christophe kunnen praten en dan kwaad worden. Hoe kan je de rondingen van een vrouw zien en niets voelen? Bon, dit is een 50er en de manager een thirtysomething-er. Tom, een Belg, vond het wel puik dat de manager zich openstelde voor een ontmoeting. Dat is dus blijkbaar vrij ongewoon. Wel ja, toen we in Bolivia rondtrokken hebben we nu ook niet met onze Will&Grace-like vriendschap te koop gelopen :-).
Om de gemoederen een beetje te bedaren schakelen we over op een ander onderwerp (ik was intussen nog wat langer aan die toog gebonden omdat ik plots nog een Tusker voorgeschoteld kreeg). Polygamie. Gelukkig heb ik die conversatie ooit es gehad met een Kameroense vriendin en een Egyptische vriend, dus ik was voorbereid. Tegen het eind van dat gesprek hadden ze er al drie geiten voor over om mijn vader te overtuigen, die ze trouwens wouden onderscheppen op zijn weg terug van safari naar Nairobi, dat zij mij tot hun bruid wouden nemen. De blinkende begerige ogen van de manager duidden op iets anders dan dat, maar dat hebben we rustig omzeild. Uiteraard weet je dat ze een spelletje spelen (en je hebt gezien dat de Guiness en de Tusker ook bij hen niet leeg bleef), maar je bent toch een beetje geflatteerd. Je zou nogal onmenselijk zijn als het jou niets zou doen als ze bijvoorbeeld willen checken of je echt wel geen lippenstift op heb.
MAAR WAT HEBBEN WE DAAR NU GEDAAN? Kort gezegd: we zijn gestart met het schrijven van een gids voor leerkrachten over Healthy Learning. De details ga ik jullie besparen, maar ik wil wel een aantal indrukken meegeven:
• Elke morgen start met een (dank)gebed. Kenianen zijn heel gelovig.
• Het programma is de avond voordien ingevuld en geoptimaliseerd. Ik voelde me opnieuw op chiro-kamp.
• Als de mensen dreigen onderuit te zakken in hun stoel, volgt er een energizer. Dat is een beetje uitrekken, rechtstaan, kreet roepen.
• Het was de afspraak dat de gsm’s op stil gezet werden. Maar dan voegen ze daar een grappige noot aan toe, nl. als de gsm toch rinkelt, volgt een boete. De boete is een lied of dans. Je zou denken dat ze dat dan toch zeker niet vergeten, want persoonlijk zou ik daar vooraan niet willen gestaan hebben. Nee hoor, tot vier keer toe hebben we een lied gehoord.
TOT SLOT. Als je een tijdje in een vreemd land bent, volgt automatisch de confrontatie met jezelf. Dat was hier in de workshop niet anders. Ik heb dus opnieuw iets geleerd.
Ik herinner me een cursus 'verhalen schrijven' in Gent. Wij kregen opdrachten en lazen dat voor. Iedereen gaf zijn gedacht over wat de ander geschreven had. Voorzichtig. En vooral: vrijblijvend. In deze workshop maakten we per twee/ drie inleidingen op hoofdstukken. We presenteerden dat en dan reageerde de groep. De zinnen werden meteen aangepast, woorden verplaatst of verwijderd en taal werd bediscussieerd. Op zo een moment heb ik persoonlijk dan de neiging om toch iets of wat in de verdediging te gaan, want ik heb ergens wel een bepaalde trots over wat ik schreef. Dat werd effe snel rechtgezet. Ik kreeg een directe feedback op mijn defensief gedrag.
Wat is de les? Ik moest het loslaten en begrijpen dat dit document het bezit was van groepswerk. Maar dan groepswerk in de letterlijke betekenis van het woord, niet: ‘ieder schrijft een stukje en 1 iemand herleest op consistente woordenschat’. Confronterend, maar het is meteen ook de reden waarom die avonturen zo fascinerend zijn!
*ICRAF: World Agroforestry, een partnerorganisatie
Abonneren op:
Posts (Atom)



