maandag 19 juli 2010

TK en het verjaardagsfeestje in Buru Buru

Vooreerst: wie is TK? Aha, dat ben ik. Mijn naam is nu ook niet de gemakkelijkste om uit te spreken, maar dat is nog niet eens de hoofdreden. In Kenia wordt alles afgekort. Maar echt alles. Ik nam even de proef op de som en vroeg dan hoe ze me zouden noemen als ik Bo heette. Ah, B. natuurlijk!

En dan kom ik aan het tweede deel van de titel: het verjaardagsfeestje. Zaterdagmiddag sprak ik af met Louisa in town. We trokken samen naar de verjaardag van de moeder van Koi, een vriendin. Koi, haar afgekorte Kikuyu-naam (Kikuyu is een van de grootste stammen hier), of Sylvia, haar Engelse naam, werkt bij UNEP. Ze had familie en vrienden uitgenodigd om de 50e verjaardag van haar moeder te vieren. Niets speciaals, toch? Mannekes, ontroering en plezier in 1 namiddag!

Laten we even teruggaan naar zaterdagmiddag. Louisa en Tineke nemen de stadsbus naar het stadsgedeelte Buru Buru. Het aangezicht van dit deel is al helemaal anders dan de buurt waar ik woon. We stappen uit in Buru Buru en al wandelend naar het flatgebouw van Koi, toont Louisa me de plaats van de cakelady. Louisa gaat in november trouwen met Matthew en deze dame staat in voor de huwelijkstaart. Echt! Oh, en dan nog niet zomaar eentje, he, in de vorm van Marokkaanse kussentjes. Wat? Jaja, deze taarten moeten een streling voor het oog zijn, en nog lekker smaken ook als het even kan.
Bon, schoentjes uit en meteen krijg ik daar al een welkomsknuffel van de jarige. Kenianen geven graag en veel knuffels. Een van de vriendinnen kwam juist uit Zuid-Afrika en vond de Afrikanen daar zo kil. Ze had de knuffels zo gemist. Bon, van mij heeft ze er alvast 3 gekregen :-).
Ik word meteen mee de keuken in getrokken waar Koi en nog twee andere vriendinnen aan het koken zijn. Een van die vriendinnen is Patricia. Zij speelt mee in een lokale tv-komedie ' Mother-in-law '. Ik sta daar zowaar met een BK (Bekende Keniaan) in de keuken. Dat vertelde Louisa me maar achteraf. De kinderen aanwezig in het appartement waren minder verlegen om mij een hand te geven dan om aan haar goedendag te zeggen. Grappig. Op die manier voelde ik me dan ook niet zo bekeken als mzungu (blanke in het Kiswahili). In het algemeen voel ik me niet echt zo bekenen, toch niet zoals in sommige delen van Peru, waar ze jou constant achterna roepen. Gringa, gringa (blanke in het Spaans). Ik had het misschien al vermeld, maar de Kenianen zijn heel hartelijke en vriendelijke mensen.
In de keuken hoor ik dan een mengtaaltje van Engels en Swahili, Kikuyu. Bon, de vriendinnen zijn op een bepaald moment overgeschakeld op het pure - let wel, met Afrikaans accent - Engels. Zo zat ik er iets minder voor spek en bonen bij, maar in feite is er zoveel te observeren dat je je eigenlijk niet echt verveelt. Kleine noot: eigenlijk is de taal onder elkaar niet het Engels, maar iedereen kan het wel spreken.
Op een bepaald moment hoor ik op de radio - waarbij de uitzendingen wel in het Engels worden uitgezonden - een dame het volgende zeggen: " The women are born to help their men". Waaaaaaaaaaaat? Ik laat mijn verwondering blijken en we geraken aan de klap over de bijbel. En dan zijn zij op hun beurt verwonderd: denk jij dat de Bijbel een verhaal is? Schi-tte-rend. Maar ze bekijken me niet scheef, gaan gewoon in dialoog en even later halen ze zelfs de humordoos boven over God. Volgens hen zapt God naar Kenia als hij komedie wil zien. Hij roept er dan ook Abraham en Gabriel bij. Hi-la-risch!
Nu, we hadden er dan wel over gelold, maar dan kwam het officiele gedeelte van het feestje. Met een bijzonder religieus tintje. Na de lunch (late namiddag lunch) volgde het aansnijden van de cake. Wij blazen kaarsjes uit. Nadien volgen de speechen. Oink, dacht ik, maar het was heel ontroerend. Iedereen mocht een zegje doen gericht aan de jarige. Wat een lofzangen en man, geprezen dat zij is. Ik denk dat ik voor een heel leven zou geprezen zijn. En ja, uiteraard slaan ze mij niet over. Gelukkig was ik een van de laatste en kon ik even spieken en nadenken, want goh, dit was de eerste keer dat ik ze zag. Hierna volgde een speech van de jarige, een gebed, de bijbelse dankwoorden en een Kikuyu-lied. Denk die bijbelse zaken even weg en dan kreeg je een heel warme situatie. Ik was ontroerd.

Op de terugweg maakte ik dan nog een furie in het Swahili mee van de sidekick tegen een van de passagiers. Terecht naar het schijnt. Bij de halte kwamen er al meteen mensen van op straat door de deur kijken. Louisa wees me erop dat Kenianen nogal dramaqueens zijn en wel van een beetje show houden :-). Eens terug in town, neem ik de Matatu terug naar Kileleshwa. Wat een dag!

vrijdag 16 juli 2010

The 'matatu'

On the second day I managed to get to the matatu area all by myself without any mistakes. This photographic memory of mine does come in handy now and then :-). But of course, I took the wrong one. Before we left I dubbel checked the number, because the sidekick was repeatedly shouting 40 and I had to be on number 48. So I asked the lady next to me and she assured me I was on number 48 and that the number he mentionned was the price. But, it appears there are multiple directions to Kileleshwa. At least I got to see Riverside drive now, a route full of embassies. The Belgian one is not situated over there by the way, but is located near the UN Headquarters at the East side of town. No need to panic, I remembered that is how I got to know Izmir in those days :-D.

The matatu is a means of local transport. At the entry point in town it does not leave untill it is full. Once on the road it picks up people and drops people off on a fixed route. It can take up to 12 passengers. I've seen it before in other parts of the world. In Turkey it is called a dolmuş, in South America this kind of transport is a car instead of a bus. There are some differences though. Some of those Kenian buses have a television screen and an incredible sound system! Others are silent. And the sidekick (who collects people before leaving and the bus fee while driving) tabs you on the shoulder to signal that it is time to pay.

It is always some kind of couleur locale, because it is usually filled with more passengers than vacant places. Not in Nairobi. A few years ago there was a new guideline (law) voted that says the driver should have a certificate of good conduct, both the driver and his sidekick should wear a uniform, there are no more passengers allowed than seats and the driver should wear a seat belt. The matatu-workers refused, but they had to compete with the commuters who WALKED from their homes to work for THREE months. So, although striking on the street is prohibited one can call this a form of silent, yet effective protest, because it worked! The downside: there are more matatus which causes an even bigger traffic jam in the morning. But then again, as a city you could think twice when you see all of these cars with only one driver. They told me more and more people can afford to buy a vehicle. Together with the fact that just recently they can purchase second handed imported cars from Japan for instance, this causes a roadblock between 7 and 8 am. Clean air in Nairobi town? Hmmmm....

dinsdag 13 juli 2010

Jambo

Of ‘hallo’ in het Swahili. De taxichauffeur Wanjau heeft me al een aantal woorden aangeleerd. Diezelfde man was ook diegene die me zaterdagnacht belde, toen ik nog in Gent was, om te vragen waar precies ik stond op de luchthaven, want hij vond me niet. Het was ook diezelfde man die ik dan maandagmorgen zelf kon opbellen om te weten waar hij precies stond, want nu vond ik hem niet.
Een klein resem aan misverstanden later werd ik dan toch netjes afgezet bij Joy, de jonge dame bij wie ik een kamer heb. Het is 5.30 am. Nog donker, want aangezien Kenia dicht tegen de evenaar ligt is het hier 12 uur licht en 12 uur donker het gehele jaar door. Het eerste wat mijn roommate zegt is “waw, I was worried”. Ik voelde me al meteen op mijn gemak. Het huis is ongelooflijk mooi, ruim. De blok waarin ik de volgende maanden resideer heet ‘Victorian Villas’ en is te situeren in Kileleshwa, in het westelijke deel van de stad Nairobi. Om binnen te kunnen klop je aan de poort en overdag laat Simon jou binnen en ‘s nachts is dat Benson. Die laatste had trouwens een wintervest aan om ‘u’ tegen te zeggen. Ik ben gearriveerd in het winterseizoen, te vergelijken met een van de betere lentedagen bij ons. Ik vraag me dus af wat ze allemaal niet zouden aan doen om het warm te krijgen in onze winter.
Ik sla nog een praatje met Joy waarin ik terloops vermeld dat ik een gsm en sim-kaart zal nodig hebben. Ze belt meteen Wanjau, de taxichauffeur, op om hem om dat hebbedingetje te sturen van het moment de shops openen. Ik laat een paar centjes achter in haar handen en tegen de tijd ik wakker word, ligt daar een Nokia-doosje op de keukenkast. Ik had intussen toch een paar uurtjes gedut, want de tweede vlucht had ik niet echt veel geslapen. Misschien moest ik nog even de stress van de 50 minuten vertraging van de eerste vlucht laten passeren. In tien minuten door transit passeren, met licht hollende tred, was toch weer een ervaring. Het volgende vliegtuig is dan ook wel met vertraging vertrokken, maar daar kan je natuurlijk niet op rekenen. Ik weet niet of de voetbal daar voor iets tussen zat. De enige goal werd gemaakt zo rond de tijd de laatste passagiers de vlieger opstapten.De wachtende reizigende Nederlanders zouden trouwens in de tv gekropen hebben indien ze konden.
Intussen ben ik in het kantoor van de ngo VVOB. Hoe ben ik daar geraakt? Neen, ik ben opnieuw niet aan mijn lot overgelaten. Mijn mentor Louisa, met wie er al e-mailverkeer was de laatste maanden, heeft me meegetroond naar de werkplaats van de volgende maanden. Hoewel, voor volgende week staan er al werkbezoeken op de planning.
Kort: goed en wel gearriveerd & heel erg op mijn gemak door het fijne ‘karibuni'(welkom).

zaterdag 10 juli 2010

En zoef...

Wat doet iemand in de laatste week voor zij een avontuur aanvat van een klein half jaar?

Niet veel eigenlijk :-). Vooreerst recupereren van de examens natuurlijk, en dan het sociale leven opnieuw een beetje opkrikken. En dat krijgt dan meteen een extra dimensie. Nu moet je afspraken maken dat je vriendinnen zeker de eerste stapjes zullen filmen van hun zoon zodat je het toch ook een beetje kan meebeleven. Of zo 'hang' je eens een vrijdagavond gezellig in de verzengende hitte met de 3 zussen in het park. Of zo krijg je nog eens een verrassing van je beste vriend. Of je zet de nieuwe (hihi) iPod vol muziek. Schitterend allemaal! Weggaan voor een tijdje zorgt ervoor dat je je ontzettend bewust wordt van de kleine geneugten van het leven. En hoe dankbaar je bent dat je omringd wordt door zoveel mooie mensen.
Tegelijkertijd is het ook klamme handen krijgen bij de gedachte dat je eigenlijk wel toch weer een beetje opnieuw moet beginnen. Bijna een eerste-schooldag-gevoel. Zo dat gemengde gevoel van onzekerheid en nieuwsgierigheid. De informatie van Kenia slaat me om de oren en het zal pas volgende week zijn dat ik ten volle begrijp in welk avontuur ik me hebt gestort. Maar dat is best een apart gevoel, misschien zelfs een tikkeltje verslavend.

Voila, het volgende blogbericht zal vanaf de andere kant van de evenaar zijn!

vrijdag 9 juli 2010

The best of Belgium

Begin deze maand krijg ik de boodschap van Christophe om donderdagavond 8 juli vrij te houden. We zouden samen uitgaan. Voor de rest mag ik niets weten. Grrumpgh. Nieuwsgierig als ik ben, probeer ik eerst een beetje te polsen naar die verrassing. Operatie mislukt. Maar ik ben geprikkeld en noteer dus 'date met C.' in mijn agenda.

Christophe zelf heeft zich kunnen inhouden tot de sms van de dag zelf waarin hij mij het uur moest zeggen dat ik bij hem moest zijn. Lol. Ik mocht raden, maar hij zou ongeacht een juiste of foute gok toch de verrassing verklappen. Toevallig had ik deze week iets gezien wat mijn aandacht getrokken had en ik raadde dus juist. ............tromgeroffel..........The Best of Belgium. Dat is muziek met artiesten van eigen bodem, dan de tennismatch tussen Kim Clijsters en Serena Williams (record aantal toeschouwers werd verbroken trouwens), gevolgd door nog een snuifje muziek en feestelijk afgesloten met een spetterend vuurwerk (wat ik altijd geweldig vind) en dat allemaal in het Koning Boudewijnstadion in Brussel. DE MAX! Hij vond het allemaal een beetje symbolisch, zo voor mijn vertrek. Zo'n ongelooflijk leuk initiatief in het kader van vriendschap!

Wat je misschien niet in de kranten kon lezen over dit evenement of wat je nog niet wist:

* De artiesten zongen allemaal liedjes van Ozark Henry. Dat vond ik wel iets minder. Daan kon stadion wel in lichterlaaie gezet hebben met één van zijn eigen nummers, maar enfin.

* Toen de gewezen sportatleten allemaal op 't podium stonden, zorgde Koen Wouters nog voor een extra applausmoment door te zeggen: "ik denk dat we de camera nog es links op het podium moeten hebben, want er zit daar precies een nieuw klein Gevaertje aan te komen".

* Volle flesjes water tegen je kop krijgen, brengt je even uit evenwicht.

* Grof was het algeheel boegeroep toen Leterme met de bloemen voor de tennisspeelsters na de match in beeld kwam. Dat vond ik er wel wat over. Je moet echt wel een olifantenhuid hebben soms, denk ik.

* Dit in tegenstelling tot Jada, dochter van Kim, en het kroonprinselijk paar, die getrakteerd werden op oorverdovend applaus als ze op de schermen tevoorschijn kwamen.

* Al de groene lichtjes, die in de op te blazen lange wapper van BNP Baribas zaten, lagen op het einde overal verspreid op de atletiekbaan rond de grasmat. Special effects, made by the audience. Aliens landden net niet.

* Serena tenniste met 'bloedende voeten' (quote Martina Navratilova)... ik dacht: gosh, morgen verschijnt er in de gazet 'Marriot Brussel opgeschud door moord op kamermeisje'.

* Alle tennisballen die out geslagen werden, werden tussen de sets door in het publiek geschoten met een tennis racket.

* Achter ons zat een groepje jongeren die er een sport van maakten om op een dood moment "Allé Justine' te gillen. Ze noteerden dan ook de minuten en de seconden om zichzelf te herkennen op de dvd achteraf...

* De brokstukken van het vuurwerk kletterden op het dak en zorgden voor een geluid van harde regen op golfplaten.

woensdag 30 juni 2010

Countdown

Nog een tiental dagen en het is weer zover! De zaken raken stilaan allemaal geregeld (accommodatie, logistieke en inhoudelijke planning bij de ngo VVOB Nairobi én Brussel), de laatste afspraken met vrienden en familie vullen mijn agenda en op mijn bureau stapelt zich het één en ander op.
Ik ben momenteel een beetje nerveus eigenlijk, hoewel ik er ongelooflijk naar uit kijk! Ha, waarom? Het is toch niet de eerste keer dat ik zoiets doe. Correct, maar dat is altijd zo een beetje die gezonde spanning daags ervoor. Dat duurt gewoonlijk tot het punt van vertrek, zo het moment waarbij de anderen dan zenuwachtig worden :-).

Bij deze: welkom op het digitale dagboek - sectie Afrika!

zoen, Tineke

A bit more than a week and I am off again to great adventures! All is being settled as we speak (accomodation, feedback from the VVOB office in Brussels), I am busy seeing friends and family and on my desk things are piling up.
I am a bit nervous, though it is not the first time I undertake such a journey. So how come? Just a healthy dosis of excitement which is going to end at the time of my departure or: on the moment others will be getting nervous :-).

I hereby welcome you on this digital diary - chapter Africa!

hug, Tineke